Van Bergen op Facebook   Van Bergen op LinkedIn   Van Bergen op YouTube

Hoeveel betaalt u een 0-urenkracht tijdens de NOW?

Voor de NOW wordt de subsidie gebaseerd op het referentie tijdvak van januari 2020. In sommige bedrijfstakken zijn de verloonde uren die periode veel lager dan het gemiddeld gewerkt aantal uren over een grotere periode ( 3 maanden / 6 maanden).

Dus als een werkgever meer uit zou betalen dan de loonsom volgens de NOW-berekening, dan krijgt de werkgever daar geen compensatie voor.

Recht op arbeidsomvang
Volgens het recht op arbeidsomvang hebben werknemers recht op het gemiddelde uren van de afgelopen 3 maanden.

• Geldt dat in het kader van de now regeling ook?
• Zo ja welke 3 maanden moeten dan worden gebruikt? Mag dat op basis van Jan, feb, mrt ( vanaf 15 mrt gesloten) of op basis van dec, jan feb? Of mag de werkgever de gewerkte uren van maart ( halve maand gesloten en dus niet gewerkt ) verlonen en daarna een gemiddelde?
Hiermee wordt de vinger gelegd op een zere plek in de NOW. De overheid roept uitdrukkelijk op tot doorbetaling, zelfs als er geen loonbetalingsplicht is. Ook kent de NOW de verplichting om de loonsom ‘zoveel mogelijk gelijk te houden’. Gevolg geven aan deze oproep en verplichting in de verwachting dat de loonkosten gecompenseerd worden, kan tot nare verrassingen leiden als die doorbetaling gebaseerd is op een (gemiddeld) aantal uren dat hoger ligt dan de uren die in januari 2020 zijn verloond.

De tegemoetkoming is inderdaad gebaseerd op de loonsom over januari 2020. Er kan niet gekozen worden voor een andere maand als referentie. Alleen als de loonsom over januari 2020 niet bekend is geldt een ander aangiftetijdvak, namelijk november 2019. Als méér wordt doorbetaald dan in januari 2020 (of november 2019) aan loon is betaald, bestaat voor dat meerdere inderdaad geen tegemoetkoming onder de NOW.

Initiatief bij werknemer
Voor het recht op een arbeidsomvang gelijk aan het gemiddelde over de laatste 3 maanden geldt dat het initiatief bij de werknemer ligt om zich te beroepen op dit rechtsvermoeden. Het is in die zin geen rechtstreeks afdwingbaar recht om doorbetaald te worden op basis van het gemiddelde. Het rechtsvermoeden is bedoeld om werknemers een steun in de rug te bieden door als uitgangspunt te nemen dat de arbeidsomvang na drie maanden geacht wordt gelijk te zijn aan het gemiddelde over die drie maanden.

Dit rechtsvermoeden kan door de werkgever weerlegd worden. Als de gekozen periode van 3 maanden niet representatief is voor de gebruikelijke (gemiddelde) arbeidsomvang, zal van een andere, meer representatieve periode uit moeten worden gegaan. Dit zal van geval tot geval anders liggen, maar de kernvraag is steeds dezelfde: wat is een gebruikelijke arbeidsomvang, kijkend naar een voor het dienstverband representatieve periode.

Aansluiten bij loon januari 2020
Vanuit financieel perspectief is het aan te raden om bij de hoogte van het door te betalen loon aan te sluiten bij het loon dat in januari 2020 is betaald. Dat kan op verzet stuiten bij werknemers die in die maand (substantieel) minder uren hebben gewerkt dan gebruikelijk, maar in die gevallen geldt dus dat het op de weg van deze werknemers ligt om een (succesvol) beroep te doen op het rechtsvermoeden.

«« terug